Structurele problemen in de woning

Aandeel (%) van de inwoners dat aangeeft te wonen in een woning met één of meerdere structurele problemen.

Structurele problemen in de woning: Tabel
Structurele problemen in de woning: Grafiek
Toelichting

De Vlaamse Wooncode vat de algemene beleidsdoelstellingen van de Vlaamse overheid op lange termijn samen. Cruciaal is artikel 3: “Iedereen heeft recht op wonen. Daartoe moet de beschikking over een aangepaste woning, van goede kwaliteit, in een behoorlijke woonomgeving, tegen een betaalbare prijs en met woonzekerheid worden bevorderd.” Gemiddeld 16% van de inwoners van de 13 steden geeft in 2014 aan te leven in een woning met één of meerdere structurele problemen.

In Antwerpen, Genk en Leuven zijn er de meeste problemen met de kwaliteit van de woningen. In Roeselare de minste. Er zijn geen verschillen doorheen de tijd met uitzondering van de score voor over de 13 steden heen, die ten opzichte van 2011 is afgenomen.

Als er gekeken wordt naar persoonskenmerken wonen voornamelijk huurders, inwoners jonger dan 35 jaar, lager opgeleiden en niet-Belgen in woningen die niet voldoen aan deze kwaliteitseisen.

Voornamelijk in woningen die gebouwd zijn voor de Tweede Wereldoorlog en appartementen zijn er problemen met de kwaliteit van de woning. In jongere woningen (1990-nu) en open/halfopen bebouwingen zijn er de minste problemen.

Betaalbaarheid, beschikbaarheid, kwaliteit en woonzekerheid zijn sleutelbegrippen. Men kan de indicator dan ook samen lezen met onder andere ‘Duurzaamheid van de woning’, ‘Comfortniveau van de woning’ en ‘Tevredenheid over de woning’.