Speelruimte in de wijk

Aandeel (%) inwoners (totale bevolking) en kinderen (0-11 jaar) dat woont binnen 400m loopafstand van speelruimte.

Speelruimte en jeugdruimte in de wijk: Gezinsfocus: Tabel
Speelruimte in de wijk: Tabel
Speelruimte en jeugdruimte in de wijk: Gezinsfocus: Grafiek
Speelruimte in de wijk: Grafiek
Toelichting

De speelruimte in de wijk zegt vooral iets over de kwaliteit van de dagelijkse woon- en leefomgeving in de stad. In een leefbare en duurzame stad wordt deze woon- en leefomgeving uitgebouwd rekening houdende met de behoeften van wijkbewoners en wijkgebruikers. De verschillende voorzieningen in de wijk (op vlak van speelruimte) vervullen verschillende belangrijke functies in de stad: 1) ze dragen bij aan de kwaliteit van de woon- en leefomgeving, 2) ze bevorderen de sociale verwevenheid in de wijk, waardoor de deelname aan het maatschappelijk leven van alle wijkbewoners mogelijk wordt versterkt en 3) ze bevorderen de verwevenheid van functies in de buurt.

In 2014 is het aandeel inwoners en kinderen (0-11 jaar) dat binnen 400m loopafstand van speelruimte woont beduidend groter in Antwerpen en Turnhout (>80%) dan in de overige centrumsteden. In de overige centrumsteden, met uitzondering van Aalst, schommelen deze aandelen tussen 50% en 70%. In Aalst woont minder dan 3 op de 10 inwoners en kinderen in de nabijheid van een speelruimte. Het aandeel kinderen dat binnen loopstand van speelruimte woont is in alle steden, behalve in Hasselt, Kortrijk en Oostende, een aantal procentpunten groter dan het totaal aandeel inwoners.

De evolutie in de tijd van het totaal aantal inwoners en kinderen dat in de nabijheid van een speelruimte woont toont in de steden een grillig verloop. Opvallend is dat in 2014 het aandeel van Antwerpen met meer dan 20 procentpunten is gestegen ten opzichte van 2011. Ook in Sint-Niklaas, Gent en Turnhout is er een sterke toename van meer dan 11 procentpunten voor beide doelgroepen. In Genk, Kortrijk en Oostende daarentegen zijn beide aandelen ten opzichte van 2011 met meer dan 10 procentpunten afgenomen.

De indicator leest men best samen met andere indicatoren over buurtvoorzieningen zoals ’Open jeugdruimte in de wijk’, ‘Overdekte jeugdruimte in de wijk’ en ’Basismobiliteit in de wijk‘.