Deelname aan buurtactiviteiten

Aandeel (%) van de inwoners dat het afgelopen jaar heeft deelgenomen aan een buurtactiviteit.

Deelname aan buurtactiviteiten: Tabel
Deelname aan buurtactiviteiten: Grafiek
Toelichting

Een belangrijk aspect van sociale cohesie in de stad is de betrokkenheid van de bewoners bij hun buurt. Naast actieve betrokkenheid door het zelf (mee) opzetten van activiteiten kan de loutere aanwezigheid of deelname aan activiteiten de cohesie en solidariteit binnen de buurt versterken. Vooral in buurten met hoge diversiteit kan dit zorgen voor meer tolerantie tegenover personen met een andere culturele achtergrond.

Wanneer burgers actief zijn in hun buurt of stad, zelfs al is het alleen maar door te participeren in een buurtactiviteit, betekent dat meestal dat ze zich in zekere mate verbonden voelen met hun buurt of stad. Het kan een opstap zijn om de goede gang van zaken in de stad op te volgen en een aanzet om zelf actief iets te doen en mee te willen werken aan de oplossing van stedelijke problemen (o.a. op buurt­niveau).

Bijna 30% van de stedelingen heeft het voorbije jaar deelgenomen aan een buurtactiviteit. De helft zegt dit niet te hebben gedaan, terwijl de overigen aangeven dat in hun buurt geen activiteiten worden georganiseerd. Er doen zich weinig verschillen voor tussen 2011 en 2014. Enkel in Aalst wordt er iets meer aan buurtactiviteiten deelgenomen.

Hoogste participatiecijfers zijn er in Hasselt en Genk, waar ongeveer één op drie inwoners in 2014 deelneemt aan buurtactiviteiten. De laagste participatie­cijfers zijn er in Oostende en Sint-Niklaas, waar minder dan een kwart van de burgers deelneemt aan deze activiteiten. In Aalst en Sint-Niklaas geeft meer dan 3 op de 10 inwoners aan dat er in hun buurt geen activiteiten georganiseerd worden. In Oostende worden er blijkbaar meer activiteiten georganiseerd, maar daar geeft 6 op de 10 inwoners aan niet deel te nemen.

Mannen, hooggeschoolden en personen met inwonende kinderen zijn vlugger geneigd om aan buurtactiviteiten deel te nemen dan vrouwen, laag­geschoolden en personen zonder inwonende kinderen. Tussen 35 en 55 jaar zijn stedelingen het meest aanspreekbaar. De nationaliteit speelt geen rol.

Deze indicator belicht een lichte vorm van participatie en betrokkenheid bij de buurt. De indicator werd toegevoegd om – naast diverse lidmaatschappen aan verenigingen – ook een andere vorm van participatie in beeld te krijgen. Gelet op de bekommernissen omtrent participatie en burgerbetrokkenheid, kan deze indicator best samen bekeken worden met de indicatoren ‘Spreiding van informatie over en door de stad’, ‘Participatie in het verenigingsleven’ en ‘Actieve betrokkenheid van de burger.’ De indicator kan hangt ook samen met ‘Intensiteit van contacten’, ‘Tevredenheid over het contact in de buurt’, ‘Tevredenheid over het aanbod aan activiteiten voor kinderen en jongeren’ en ‘Tevredenheid over activiteiten voor ouderen in de buurt’.